Zes veehouders nemen toch niet deel aan stoppersregeling

Drie melkveehouders, twee varkenshouders en een kalverhouder hebben zich alsnog teruggetrokken uit de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) of Lbv-plus voor piekbelasters. Daarnaast twijfelen twee varkenshouders nog over hun deelname.

Nadat ze al hun eerste voorschot hebben ontvangen, hebben drie melkveehouders zich afgelopen maand toch teruggetrokken uit een van beide Lbv-regelingen. Datzelfde geldt voor twee varkenshouders en een kalverhouder.
© Johan Wissink

De veehouders die zich aanmelden voor een van de Lbv-regelingen, krijgen een beschikking met daarin de waarde voor hun bedrijf en rechten. Ze hebben zes maanden bedenktijd om hierop te reageren. Maken ze bezwaar en wordt dit toegekend, dan geldt die bedenktijd van zes maanden opnieuw. Nog twee varkenshouders zitten in deze bedenktijd.

Vorige maand was er ook nog een pluimveehouder die in de bedenktijd zat. Die pluimveehouder heeft de aanvraag ingetrokken of niet binnen zes maanden teruggestuurd en gaat verder met zijn bedrijf.

Wanneer veehouders ja zeggen op de beschikking, krijgen ze binnen zes weken een eerste voorschot. Ze hebben twaalf maanden de tijd om al hun dieren af te voeren en alle mest af te voeren. Als dit gereed is, volgt een tweede voorschot.

Alsnog doorgaan

De afgelopen maand hebben 3 melkveehouders, 2 varkenshouders en een kalverhouder besloten alsnog door te gaan met hun bedrijf. Ze moeten het eerste voorschot weer terugbetalen.

Er zijn nog 19 varkenshouders, 8 pluimveehouders, 27 melkveehouders, 8 kalverhouders en 4 veehouders met meerdere diersoorten die nog bezig zijn met de eerste stap van het proces. Theoretisch kunnen al deze veehouders zich nog bedenken en alsnog afhaken. Van een groot deel van de veehouders is al bekend dat ze een tweede voorschot hebben aangevraagd en dus definitief zijn gestopt.

Met 352 veehouders vormen varkenshouders de grootste groep veehouders die definitief zijn gestopt en geen dieren meer hebben. Bij de Lbv-plus en Lbv-regeling zijn nu in totaal 862 bedrijven gestopt.

Met 260 bedrijven zijn melkveehouders de tweede grootste groep die al definitief zijn gestopt. Kalverhouders zijn de derde groep in aantal die zijn gestopt. Van 105 kalverhouders is al zeker dat ze geen dieren meer hebben.

Daarnaast hebben zich nog 49 kalverhouders ingeschreven voor de Landelijke beëindigingsregeling kleinere sectoren. Het is nog niet bekend welk deel van deze kalverhouders daadwerkelijk gaat stoppen.

Veel pluimveehouders gaan door

Van de 100 pluimveehouders die van plan zijn om te stoppen, moet nog 1 pluimveehouder antwoord geven op zijn beschikking en zijn er nog 8 die vooraan in het proces zitten. 91 pluimveehouders zijn al definitief gestopt.

Er zijn 109 pluimveehouders die hun aanvraag voor een van beide Lbv-regelingen hebben ingetrokken. Met 52 procent ingetrokken aanvragen zijn ze daarmee relatief gezien de grootste groep bedrijven die niet meedoen.

Van de 517 varkenshouders die een positieve beschikking kregen op hun aanvraag, hebben zich er 144 teruggetrokken; dat zijn er 28 procent. Met 373 deelnemers en 72 procent zijn de varkenshouders daarmee relatief en in absolute aantallen de grootste groep deelnemers aan de Lbv-regelingen.

Bij de melkveehouders hebben 129 bedrijven hun aanvraag ingetrokken. Dat is 31 procent van de in totaal 416 bedrijven met een positieve beschikking.

Van de bedrijven met meerdere diersoorten hebben 39 bedrijven hun aanvraag ingetrokken en gaan er 58 wel stoppen met hun bedrijf.

Lees ook

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

Meer weer