‘Waarom de Fransen (soms) gelijk hebben’

Het koffiezetapparaat in café Papillon aan het Schumanplein draait op volle toeren op deze zonovergoten middag in mei. Aan de tafel naast mij gaan de gesprekken als vanzelf van Frans naar Nederlands naar Engels, zonder dat iemand erbij stil lijkt te staan.

Klaas Johan Osinga, LTO-Beleidsspecialist Internationaal
© Dirk Hol

Veel ‘op café’ zijn is goed voor mijn Brusselse adressenboekje. Dit keer heb ik een gesprek over het Competitiveness Fund. Een voorstel voor een pot met ruim 400 miljard euro voor de periode 2028-2034. Ik wil van mijn gesprekspartner horen hoe daar in Frankrijk over wordt gedacht. In The Economist stond namelijk een artikel met de plagende titel ‘het vervelende gevoel dat de Fransen gelijk hebben’. Het ging over kunstmatige intelligentie (AI), waarin Parijs een voorsprong neemt op de rest van Europa.

Het nieuwe Europese fonds moet een wapen worden tegen de bokkesprongen van de Amerikaanse president Donald Trump en een machtig China. De Franse president Emmanuel Macron kwam jaren geleden al met het inzicht dat er fundamentele belangen zijn die je niet mag loslaten. Dat heet ‘strategische autonomie’. Europa moet meer op eigen benen staan; dat klonk als Frans protectionisme.

In de afgelopen periode is dat veranderd. Eerder hadden we goedkoop Russisch gas, een grote afzetmarkt in China en de Verenigde Staten voor onze veiligheid. Nu hebben we dat allemaal niet meer. Die landen zijn niet vies van chantagepolitiek. Mijn gesprekspartner legt uit dat we tekortschieten in sectoren die belangrijk zijn op de lange termijn, zoals AI.

Frankrijk wil ook niet dat er op het Europese landbouwbeleid wordt bezuinigd; agrarische bedrijven zijn van fundamenteel belang

Klaas Johan Osinga, beleidsspecialist Internationaal bij LTO Nederland

Maar Europa is versnipperd. Rond Schuman zitten nog heel wat eurocraten die geloven dat een open markt het wel regelt. Maar sinds de coronapandemie en de Russische inval in Oekraïne zijn we ontwaakt. Het draait nu om economische veiligheid en daar hebben we schaalgrootte voor nodig. Vandaar die grote Europese pot met geld en de Franse lobby voor ‘made in Europe’.

Ik vraag of boeren en tuinders daar iets aan hebben. En inderdaad: Frankrijk wil óók niet dat er op het Europese landbouwbeleid wordt bezuinigd. Agrarische bedrijven zijn kwetsbaar, maar van fundamenteel belang. Land- en tuinbouw biedt oplossingen op het gebied van energie, bio-economie, water, biodiversiteit en klimaat. Het is dus logisch dat boeren hun stem laten horen.

Ik krijg het advies mee om dat ook in Den Haag te doen: ‘Uw regering wil van haar landbouw af, is mijn indruk’, stelt mijn gesprekspartner. Intussen is de middagspits voorbij in café Papillon. Met stevige boodschappen in het achterhoofd loop ik terug over het Schumanplein.

Lees ook

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

Meer weer